In vijf eenvoudige stappen naar een eigen podcast


Doehetlekkerzelf:


tips voor SEO-beginners

AMP, snellere sites


en (nog) betere content

Bouw een app


Of niet

Tone of voice


de lichaamstaal van je content

Tips om op te vallen met je mailing


Stand out in the crowd

Tien tips – Verover het hart van je lezer


Content Marketing als liefdevolle relatie

Schrijf direct mobile content met Google Docs


De mobile-first-ervaring

Verrassend communiceren: online magazines


Anders en doeltreffend

Podcasts zijn nooit echt helemaal weggeweest uit het online landschap. Toch is de laatste tijd een opvallende opleving van het format waar te nemen. Volgens de Amerikaanse ondernemer Gary Vaynerchuk wordt het tijd voor organisaties om echt eens op podcasts te gaan letten. Want geluid streeft op dit moment video al ruim voorbij.

“In fact audio and streaming in particular is up 76% Y/Y eclipsing video with 250B annual streams. I think this is just the beginning”, aldus Vaynerchuk op Medium. De cijfers zijn redelijk duidelijk wat Gary betreft:

There was roughly 1.5X more audio consumed than video according to Nielsen statistics on streaming in 2016.”

Tijd om op te gaan letten dus.

Van beeld naar geluid

De verschuiving van bewegend beeld naar geluid is logisch. Video vraagt om je volledige aandacht – lees, je oogballen. Als we naar het mobiele scherm kijken, zien we onze omgeving niet meer. En dat werkt nogal rottig.

We would rather check our email while listening to the latest episode of Serial or take notes while listening to music. With video you can’t do both. It takes all of your attention to consume that content the second it starts.”

De waarde van snelheid

Aan de andere kant willen we het meeste uit onze schaarse tijd halen. In plaats van naar muziek te luisteren, kiezen velen dus voor informatie om naar te luisteren. Wederom Vaynerchuk: “With the ever increasing value of speed, I am starting to see consumers replace entertainment (music) with information (podcasting) to get ahead.” HIj vult dit aan met de opmerking.

“More 16–30 year olds are listening to podcasts instead of music during their commutes because it saves them time. It’s what humans value.”

Beginnen met podcasten

In de weinige tijd die er is, toch het meeste van je tijd maken door handige informatie te beluisteren. Een kans voor elke organisatie die meerwaarde weet te bieden via geluid. Maar waar begin je? Hieronder mijn handleiding met beginnerstips voor een podcast. Ik gebruik deze opzet ook voor mijn persoonlijke podcast.

Stap 1: Kies een format

De eerste stap naar een podcast voor je onderneming is het kiezen van een format. Praat je alleen? Ga je mensen interviewen? Presenteer je als duo? Ga je naar mensen toe voor een interview? Of doe je het via Skype? Heb je vaste items in je programma? Hoeveel minuten wil je elke keer vullen? Hoe vaak verschijnt je podcast? Reageer je op het nieuws? Of heb je helemaal geen format en is de podcast een gezellig uurtje babbelen?

 

Alles kan. Als je maar blijft denken aan de meerwaarde voor je luisteraar. De meerwaarde kan informatie zijn. Maar ook gewoon entertainment.

 

Stap 2: Fix de hardware

Je gaat met je computer geluid opnemen. Daar kun je ver in gaan en veel geld uitgeven aan professionele hifi-oplossingen. Of het low-tech oplossen door bijvoorbeeld je opnames met je mobiele telefoon te doen. Wat je in ieder geval nodig hebt voor een béétje leuk geluid:

  • een microfoon met kabels
  • een geluidskaart of USB-ingang
  • een opnameprogramma

 

2a. Een microfoon met kabels

In de meest basale versie van een podcast praat je in een microfoon, neem je dit op en zet je het online. Daarvoor heb je dus een microfoon nodig. Ook hier kun je alle kanten op. Van een professionele microfoon via een analoge mixer naar je computer. Of een microfoon die je direct in je USB-poort klikt en die direct klaar is om op te nemen. De uiteindelijke keuze hangt samen met je gewenste geluidskwaliteit. En de inhoud van je bankrekening.

 

2b. Een geluidskaart of USB-ingang

Het geluid van je stem moet in je computer komen. Hoe werkt dat?

 

Optie 1: Via je geluidskaart

Je microfoon koppel je via een kabel aan je geluidskaart. Kies de ingang met het icoon van een microfoon achter op je computer en er komt geluid binnen.

 

*Let wel op bij het kopen van je kabel. De ingang van je computer is vaak een 3.5 inch formaat. Bestel dit gelijk op de goede maat anders moet je gaan rommelen met verloopplugjes.

 

Optie 2: USB-microfoon

Zoals bij de microfoon al aangegeven: optie 2 is de USB-microfoon. Hierbij klik je je USB-kabel dus in je USB-poort en je kunt aan de slag. Handig voor opnamen onderweg. Zo kun je met je laptop op schoot overal aan je podcast werken.

 

Optie 3: Een USB verloopplug

Nu fabrikanten ook zien dat microfoons op computers worden gebruikt, hebben ze verloop-plugs ontwikkeld. Hiermee maak je van een normale kabel een USB-kabel. De voordelen van analoog met de voordelen van digitaal.

 

PRO-TIP – als je toch een microfoon gaat kopen. Haal gelijk even een popscherm of een windscherm voor je microfoon. Voor nog geen tien euro ben je direct van vervelende pop-geluiden bij het uitspreken van de P af en nare ruis van de ademhaling in je microfoon.

 

2c. Opnameprogramma

Gratis. Superhandig. En YouTube staat vol uitlegvideo’s. De keuze voor het opnameprogramma Audacity is voor veel podcasters snel gemaakt. http://www.audacityteam.org/download/ Met dit gratis tooltje kun je je opname maken en deze met allerlei effecten nabewerken. Vervelende geluiden of ruis tijdens de opname haal je eenvoudig weg met het programma. Het lijkt in het begin misschien technisch, maar op YouTube kun je voldoende filmpjes vinden met meer uitleg. Daarnaast hebben ze een handige Wiki vol met informatie, tutorials en tips:  http://manual.audacityteam.org/man/tutorial_your_first_recording.html

 

Stap 3: Neem je podcast op

Hiermee heb je de hardware en software-kant van je podcast op zijn plek. Nu is het zaak een rustige plek te vinden. Goed adem te halen. En op ‘record’ te drukken. Met Audacity maak je een opname redelijk snel. Veel tijd gaat echter nog zitten in de nabewerking. Het verwijderen van ruis, van ademhaling of foutjes. Ook hier verwijs ik graag naar YouTube. https://www.youtube.com/results?search_query=audacity

 

Ben je tevreden over je opname? Dan exporteer je deze naar WAV of MP3. Je hebt nu een opname staan op je computer. Maar deze moet nog het internet op. Ga daarvoor door naar stap 4.  

 

Stap 4: Kies je platform

Geluidsopnamen kunnen aardig oplopen in hoeveelheid ruimte. Die MB’s wil je niet allemaal zelf hosten op je website. Kies daarom een handig platform en host daar je podcast. Zelf heb ik gekozen voor SoundCloud. https://soundcloud.com/

 

In de gratis versie van SoundCloud kun je hier eerst vooruit met twee uur aan opnames. Daarna moet je een betaald plan kiezen – met meer mogelijkheden – maar voor een eerste verkenning voldoet SoundCloud goed. En ze hebben voldoende online ondersteuning voor podcasters: https://soundcloud.com/for/podcasting

 

PRO-TIP: Zorg dat je een profile image hebt van zeker 1400 x 1400 pixels. Dit lijkt overdreven voor SoundCloud maar is een vereiste bij iTunes. Daarvoor meer in het volgende onderdeel. Distribueer je podcast.

 

Stap 5: Distribueer je podcast

Het mooie aan SoundCloud is het gemak waarmee je, je podcast kunt delen naar andere platforms. Denk hierbij aan iTunes (de belangrijkste) of Stitcher Radio. Onder je instellingen staat het tabje content: https://soundcloud.com/settings/content Hier staat je RSS-feed. Deze heb je nodig om je podcast door te zetten naar andere platformen.  

 

Stap 5a: Zet de RSS-feed door.

Hoewel SoundCloud handig is zit het merendeel van de podcastluisteraars op iTunes. Om te zorgen dat je podcasts hier worden getoond moet je, je RSS-feed dus doorzetten naar iTunes. Elke nieuwe aflevering wordt dan automatisch opgenomen op je pagina daar. Een handige uitleg van dit proces in dit filmpje: https://www.youtube.com/watch?v=PWihiVvvsWI

 

Stap 5b: Embed je aflevering op je website

Hou je liever je bezoekers op je website? Of wil je de podcast onderdeel maken van een blogpost? Dan heb je geluk, want SoundCloud geeft je ook de mogelijkheid om een Embedded player van SoundCloud te delen op je website of blog.  Klik hiervoor onder je podcast op de knop delen. Hier staan in het eerste scherm enkele social media iconen. Onder het tweede tab staat de embed code.

 

Stap 5c: Deel via Social Media.

Nu wordt het tijd om de wereld te spammen met jouw fonkelnieuwe podcast. Klik hiervoor onder je aflevering op de knop Delen. Hier tref je de bekende sociale platformen. Spam naar hartenlust.

Als paddenstoelen uit de grond, wordt het woord SEO bij bedrijven bovenaan de to-do-list geschoten. SEO is belangrijk en wie er nog niet over nadacht loopt achter. Tijd voor een SEO-update dus. Heb jij nog geen idee waar die drie letters voor staan? Of net wel, maar reikt je kennis niet verder dan dat? Geen stress, met dit lijstje zet je de eerste belangrijke stappen in de SEO-wereld!

First things first. SEO staat voor search engine optimization, oftewel zoekmachineoptimalisatie. Kort gezegd: dé manier om bezoekers naar jouw website te trekken via zoektermen die surfers invoeren bij een zoekmachine én andere belangrijke SEO-aandachtspunten.

Omdenken
‘Op welke zoekwoorden moet ik gevonden worden’? Logischerwijs zou je denken dat de eerste stap is jezelf die vraag te stellen. Een fout die veel organisaties maken. Bij SEO is omdenken het sleutelwoord. Denk dus vanuit de klant: ‘Waar zoekt jouw potentiële klant naar? En waarom zoekt hij/zij daar naar?’ Zo krijg je veel meer inzicht in welke zoektermen echt belangrijk zijn. Je doel moet namelijk zijn zoveel mogelijk klanten verder te helpen via jouw site. Een veel vriendelijkere én effectievere manier om uiteindelijk bij hogere bezoekersaantallen en dus omzetcijfers uit te komen.


Zorg dat Google je begrijpt

Niet jou persoonlijk natuurlijk, maar je website. Als Google je website ‘snapt’ kom je veel sneller bovenaan het zoeklijstje. Zie je website als een boek met per hoofdstuk één onderwerp. Richt je website ook zo in. Een onderwerp per pagina is voldoende en maakt je site lekker overzichtelijk en begrijpelijk.

“De valkuil is al je pagina’s vol te spammen met je beste zoekwoord”

Kwaliteit boven kwantiteit
Oké, je hebt de zoekwoorden die jouw klant naar jouw website trekken uitgezocht. Nu is de valkuil om al je pagina’s vol te spammen met je beste zoekwoord. Niet doen. Google heeft dit spelletje snel door en dan werkt het averechts. Laat wél zoekwoorden gerelateerd aan het onderwerp van je pagina vaker voorbijkomen.

Spinnenweb met links

Maak een ‘spinnenweb’ met links van pagina naar pagina op je website. Ook van externe websites. Zo is de structuur van de site goed aan elkaar gelinkt, en precies dát is weer iets waar Google van smult.

Bouw een content-kanon
Heb je een product of dienst die wat meer uitleg vergt? Het is niet verstandig voor de leesbaarheid en vindbaarheid van je site, om dat in je websiteteksten tot in detail te doen. Maak daarom in zo’n geval een soort Wikipedia van je site en neem in je teksten linkjes op met ‘meer uitleg’. Zo creëer je een content-kanon vanaf je site waarmee de klant wordt doorgeschoten voor meer informatie, wat je eigen site een stuk bondiger en dus prettiger te lezen maakt.

Gebruik lange zoektermen

Je zou denken dat korte zoektermen(short tail) het beste werken. Uit onderzoek blijkt verrassend genoeg het tegenovergestelde. Juist lange (long tail) zoektermen leiden de meeste bezoekers naar je site. Er wordt namelijk veel meer gezocht op hele zinnen zoals ‘Welke zonnebrand is het beste?’ dan op 1 of 2 zoekwoorden. Daarnaast zoekt 1 op de 5 internetters tegenwoordig via voice search, waar juist ook hele zinnen of vragen worden ingesproken.

“Juist lange zoektermen leiden de meeste bezoekers naar je site”

Waarde toevoegen boven verkoop
Zorg ervoor dat je website niet een groot verkooppraatje wordt. Een bezoeker heeft dit zo door en is met 1 klik weer vertrokken. Wat wél werkt is interessante artikelen delen op je site of zelf blogs schrijven over je dienst of product. Of schrijf een monsterartikel.

Monsterartikelen
Nee dat zijn geen angstaanjagende artikelen, maar langere informatieve teksten die waarde toevoegen aan je dienst of product. Toegegeven, het schrijven hiervan kost wat meer tijd. Maar dan heb je ook wat. Artikelen van rond de 2000 woorden worden namelijk het beste bezocht op internet én je kan er al je ‘spinnenweb-linkjes’ in kwijt.

Rich Snippets
Je kent ze vast al wel, de uitgebreidere resultaten als je op bijvoorbeeld een bedrijf zoekt. Opeens worden ook reviews, events of contactgegevens al getoond onder de websitepagina in de resultaten lijst. Dat zijn dus Rich Snippets. Easy-to-click-on én de klant hoeft niet zelf op zoek te gaan. Allemaal dankzij goede SEO. Hoe Rich Snippets op orde te krijgen? Check dit handige artikel.


Last but not least, social media
Ook voor SEO is social media makkelijk in te zetten. Bouw daarom sowieso een social slider in je website (zie voorbeeld onderaan deze pagina). Deze zorgt ervoor dat elke pagina, blog of artikel gemakkelijk door de lezer te delen is op een van zijn social media kanalen. Supersimpel en heel effectief.

Genoeg gepraat. Hup, aan de slag met al deze tips! Vind je het fijn als wij meekijken of meedenken? Geen probleem. Laat het ons dan weten!

Al googelend viel mij al een tijdje op dat ik steeds vaker .amp-berichten tegenkwam op mijn iPhone. Je kent ze wel, dat bliksemschichtje voor een artikel. Dit:  

AMP, wat is het?

Dit ben ik even gaan onderzoeken. En ik vond het volgende: Google AMP staat voor Accelerated Mobile Page. Wat zoveel betekent als ‘Versnelde mobiele pagina’. Een AMP-pagina zorgt voor een betere mobiele ervaring doordat je pagina wordt ‘uitgekleed’. Vrij van ‘afleiding’ als afbeeldingen en advertenties. Uiteraard wel met tussenkopjes, zodat de tekst nog altijd snel te scannen is voor de lezer. Deze ‘cleane’ artikelen krijgen betere posities in Google omdat de pagina’s minder zwaar zijn. En de lezer heeft ook profijt van deze naakte versie; een mobieltje hoeft niet veel moeite te doen om de pagina op te halen, de websites waarop ze worden vertoond, krijgen een betere laadsnelheid. AMP schijnt zelfs vier keer sneller te laden dan een normale ‘volle’ pagina. Bovendien verbruikt de bezoeker minder data. Klinkt goed, nietwaar? Maar: moeten we er ook ‘iets’ mee?

AMP gebruiken

Tot voor februari 2016 was AMP nog niet in Nederland beschikbaar. Inmiddels is dat wel het geval. Maar de AMP-carrousel is op dit moment alleen nog actief voor nieuwsberichten. Deze ‘speciale artikelen’ worden in Google weergegeven in een caroussel boven de zoekresultaten in Google. Gebruikers kunnen hier swipen tussen de gevonden AMP-artikelen. AMP werkt alleen op smartphones en tablets. Zo:

AMP, wat betekent het voor de toekomst?

Wat AMP betekent voor de toekomst is duidelijk; makkelijke, simpele en sobere artikelen die goed te ‘scannen’ zijn door de lezer. Wat dat betekent voor de schrijver? Nóg meer focus op het SEO schrijven van webpagina’s om vindbaar te zijn.

Tip: kijk eens op Google trends wat de meest voorkomende zoekwoorden in jouw branche/werkveld zijn. Zorg dat je artikelen in deze ‘versimpelde’ versie bomvol met de juiste zoekwoorden staan, maar vooral goed geschreven zijn.

AMP implementeren

Wil je meer weten over AMP? Dan kan ik je zeker deze AMP-site aanbevelen. AMP is open source en voor WordPress zijn er plugins (jawel!) zoals deze. Het AMP-artikel testen kan met een de tool van Google Search Console.

 

En toen was er internet: iedereen moest en zou een website laten bouwen. Daarna wilde iedereen iets met Flash. Omdat het kon. En vanaf het moment dat Apple de digitale deuren van de App Store opende, wilde iedereen een app laten maken. Omdat het hip is.

Maar is het altijd nuttig direct in te springen op elke nieuwe trend? Dat digitale content óók op je mobiele apparaat toegankelijk moet zijn, daarover bestaat geen twijfel. Maar heb je daar echt een app voor nodig?

Waar het niet hoeft

In 2015 lanceerde het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM) zijn app ‘Tekenbeet’. Een mooi initiatief, want dit kleine beestje kan de ziekte van Lyme overbrengen. Op Tekenbeet kun je alles vinden over het herkennen van teken, het signaleren van een infectie en het verwijderen van de parasiet. Maar hoe nuttig is zo’n app? Wanneer wil je informatie over teken? Als bijvoorbeeld je zoontje is gebeten. Wanneer ontdek je dat? Misschien ‘s avonds voor het slapengaan. Stel dat mama een teek bij Pietje vindt. Wat doet ze dan? Waarschijnlijk als de wiedeweerga op Google zoeken met de woorden ‘teek gevaarlijk’.

Wat mama in ieder geval niet gaat doen: een app zoeken, downloaden en installeren. En daarna uitvinden hoe ‘ie werkt. Mijns inziens had de RIVM beter tijd en geld kunnen steken een mobielvriendelijke, goed vindbare website.

Kortom. Vraag je altijd af wanneer én hoe potentiële gebruikers de door jou aangeboden informatie tot zich nemen. Schets plausibele scenario’s.

Vindbaar

Als je content up-to-date en interessant is, vindt Google je website. Na één klik ben je er. Dat is bij een app wel anders. De content van de app wordt niet geïndexeerd. Bovendien vergt het nogal wat handelingen voordat je de informatie vindt die je zoekt.

Een mobiele website is ogenblikkelijk te bereiken op alle apparaten. Een app daarentegen moet worden gedownload en ge-update. Dit vergt opslagruimte en extra handelingen. Bovendien hoef je – als je goed je best doet – maar één product te maken; een goede, responsive (schaalbare) website werkt op vrijwel alle apparaten. Doe je écht goed je best, dan gedraagt je website zich zelfs als een app.

Apps blinken uit bij een aantal toepassingen. Wil je de gebruiker in staat stellen foto’s te maken en te bewerken met een kek filter? Wil je gemakkelijk berichten versturen op je sociale netwerk? Eenvoudig geld overmaken? Ontwerp dan een app.

Heb je mobiele content en wil je die laagdrempelig aanbieden aan een zo breed mogelijk publiek? Ga dan voor een fraaie, goed vindbare responsive website.

Als je mij met mijn moeder ziet spreken, krijg je vanaf een afstand een aardig beeld van waarover we het hebben. Een beeld inderdaad. We gebruiken zo gepassioneerd onze handen, dat we zo ongeveer onze eigen gebarentaal hebben ontwikkeld. Waarom weten we niet. Wellicht is het ‘embedded’ in onze genen, maar waarschijnlijk omdat wij vinden (en voelen) dat het onze woorden, tijdens ons gesprek, kracht bijzet.

Maar wat betekent dat voor een verhaal in tekst of beeld? Welke mogelijkheden heb je dan om het gebrek aan lichaamstaal te compenseren? Hoe onderstreep je je boodschap en zorg je dat deze overkomt zoals jij bedoelt? Daarin speelt je tone of voice een belangrijke rol. De woorden die je kiest, de interpunctie en de lengte van je zinnen.

Wie ben je?
Met je tone of voice maak je duidelijk wie je bent en kun je aansluiten bij je doelgroep en je doel verhelderen. Een beetje zoals mijn moeder en ik onbewust doen. Altijd tricky blijft hoe te bepalen wat jouw doelgroep aanspreekt. Richt je je nog op de juiste doelgroep of moet je je herpositioneren? En welke tone of voice hoort daarbij?

Twee voorbeelden van organisaties die weten wat ze doen en die mooi duidelijk maken waarop je moet letten: NAM en Wehkamp. Kijk eens naar de taalverschillen tussen deze sites. De eerste is bewust afstandelijk, omdat de aardoliemaatschappij hier wil onderstrepen dat informatie neutraal en feitelijk is. Op de site, die bedoeld is voor betrokken geïnteresseerden, spreekt ze de lezer direct aan. Met ‘u’ in dit geval, omdat respect voor de lezer voor NAM cruciaal is. Wehkamp kiest voor een luchtige, hippe toon, die past bij de lifestyle-boodschap die het bedrijf uitzendt. Wehkamp tutoyeert. Niet omdat jullie samen hebben geknikkerd, maar om jou aan te spreken en zo de afstand te verkleinen.

Streng of flexibel
Het is raadzaam de gekozen toon consequent door te voeren. Overal. In je persberichten, reclame-uitingen, social media, maar ook intern. Zo worden je collega’s zich ook bewust van de tone of voice van jouw organisatie. En zo is het voor hen makkelijker de tone uit te dragen en een visitekaartje te zijn.  Maar wel, zolang het goed voelt. Voelt inderdaad. Een mooi voorbeeld is dat Wehkamp overal tutoyeert maar in het klachtenformulier op de website vousvoyeert. Mooi vind ik dat. Want kan ik me goed voorstellen dat je als organisatie op dat moment zo respectvol mogelijk over wilt komen. Of, zoals mijn oma (die overigens ook met haar handen spreekt) altijd roept: ‘C’est le ton qui fait la musique!’.

Hippe taal
Let op. Een tone of voice is, net als kleding, trendgevoelig. Ik kan echt blij worden van bedrijven die hun tone goed aanvoelen. Ik geef grif toe dat ik daar gevoelig voor ben. Zo erg dat ik zelfs ‘fan’ ben van bepaalde bedrijven. Van Innocent bijvoorbeeld, vanwege hun nieuwsbrief over fruit, smoothies en baby pinguïns en van de webcaretalks van PostNL. Teksten met een tone of voice die precies past bij de organisatie, het doel onderstrepen en de doelgroep – in dit geval mij dus – aanspreken.

Bewuste keuze
Natuurlijk is wat iemand een aantrekkelijke tone of voice vindt, een kwestie van smaak. Toch zou iedere organisatie af en toe over moeten praten over de manier van communiceren. De toon speelt zo’n belangrijke rol in de contentstrategie en vraagt een echt goede afweging. Kun je het gebruiken om je te onderscheiden? Wat spreekt je doelgroep aan? En wat niet? Maar ook, hoe leg je de tone of voice van je organisatie vast en hoe zorg je ervoor dat hij gedragen wordt? Kortom, vragen genoeg om eens over na te denken en te praten. Met ons bijvoorbeeld. Wij leggen je graag, al dan niet met handgebaren, uit hoe je toon van je boodschap afstemt op je (gewenste) doelgroep.

Een succesvolle mailing opstellen is nog niet zo makkelijk. Hoe je op een positieve manier opvalt tussen alle andere aanbieders? Dat lees je in de 3 tips hieronder. 

 

Tip 1: Maak nieuwsgierig!
Hoeveel mails krijg jij met ‘Sale! Nu met 70% korting …’. Geef toe, dan ben je al afgehaakt, toch? Wat wel werkt is duidelijkheid en nét even anders. Zo viel mijn oog direct op de onderwerpregel van Albert Heijn: ‘4 redenen om deze mail te openen’. Waardoor? Hij had een tintje ‘mysterie’ en ik wist wat ik kon verwachten. Vier redenen, dat is te overzien.

Het resultaat? Ik eet vanavond een groene salade met biologische mozzarella, en ja, de wasverzachter en het afwasmiddel waren inderdaad op. Dat dit puur slimme registratie was van mijn eerdere aankopen, geregistreerd op mijn Bonuskaart, vergeet ik even voor het gemak.

 

Tip 2: z o r g  v o o r  e e n  e y e c a t c h e r !
Deze titel viel op, nietwaar? Veel gezien op Instagram; (merk)namen en onderschriften waarbij tussen iedere letter een spatie zit. Zorgt voor ruimte, springt eruit en blijft ‘hangen’ omdat je het niet helemaal gewend bent. Prima te gebruiken als onderwerpregel.

҉   Een ander voorbeeld dat ervoor zorgt dat je opvalt in een overvolle mailboxen is het gebruik van ‘gekke tekentjes’. Niet nieuw, maar absoluut steeds populairder. Dus begin je onderwerpregel eens met een ●, ↓ of een smiley 🙂 . Symbolen ∞ of zelfs icoontjes ♛ in je onderwerpregel zijn tegenwoordig mogelijk. Het moet uiteraard wel bij je organisatie passen, maar een beetje creativiteit kan geen kwaad.

Zo gebruikte Canva onlangs een klein spaceshuttletje om aan te kondigen dat ze een nieuwe feature hadden. Rituals Cosmetics gebruikte een zonnetje ter promotie van hun nieuwe zonnebrandcrème. Vistaprint een ster om een sale aan te kondigen en D-reizen – hoe kan het ook anders – een vliegtuigje.

* Speel hier snel op in als je er iets mee wilt doen. Zeker vóórdat de rest van alle content managers dit trucje doorheeft en alle inboxen vol staan met miniatuur palmboompjes, champagneflessen en andere visuele uitspattingen.

 

Tip 3: Regelmaat, maar niet te vaak
Iedere dag een overzicht van de laatste last-minutes terwijl ik voorlopig nog lang geen vakantie heb? Of iedere dag een mail met een update van wat er op een bepaald social mediakanaal is gebeurd? Hoeft niet, ik kijk zelf wel even.

Laat je lezer zelf de frequentie kiezen! Zorg voor een handig, responsive aanmeldformulier waarin de voorkeur aangegeven kan worden. Verstuur je nieuwsbrief voor 6 uur ’s ochtends of rond de lunch en kies een vaste frequentie. Twee keer per week is eigenlijk teveel. Doe je ’m een keer in de maand? Dan ben je vaak de betrokkenheid bij je merk, product of dienst kwijt.*

* Probeer een goede balans te vinden op basis van je product of dienst, je doelgroep en de nieuwswaarde van je nieuwsbrief. Wij kunnen je hierover adviseren.

Niet voor niets hebben we het online vaak over het verleiden van de lezer. Content maken is te vergelijken met flirten. Content Marketing is een relatie onderhouden. Veel bedrijven maken hun content echter als de eerste de beste hork. Zonder charisma. Geen bloemetjes. Geen diner. Geen chocolade. Geen Valentijnsdag. ‘Laten we deze deal eens even sluiten!’ En dat is online net zo effectief als in het echte leven.

Probeer daarom je content eens te zien als een middel om het vertrouwen van je lieve klant te winnen. Ben jij het vertrouwen waard of zorg je voor een gebroken hart?

 

  1. Probeer niet direct de deal te sluiten

Veel content is doorzichtig. We zien de intentie van verre doorschijnen. Het ligt er dik bovenop. Hoe goed je ook je best om het verbloemen, de lezer is niet gek. De lezer weet heus wel dat je wat wilt verkopen. Maar val niet direct met de deur in huis. Online mag je direct zijn, maar door te schreeuwen ‘Dat je iets moet kopen!’, is nog geen enkele lezer overstag gegaan.

 

  1. Doe het rustig aan

Een relatie met je lezer bouw je gestaag op. Over tijd. Door de jaren. Door consistent en consequent kwaliteit in je content te bieden. Door er te zijn als de lezer je nodig heeft. Door het antwoord te zijn op alle vragen van je lezer. Door steeds weer kwaliteit te bieden en je afspraken na te komen.

 

  1. Werk aan je relatie

Om de romantische vergelijking door te trekken – veel content richt zich op de one-night-stand. Zo snel mogelijk nieuwe lezers voor de nieuwsbrief. Zo snel mogelijk nieuwe volgers. Zo veel mogelijk aanmeldingen. Maakt niet uit wie. Op zich vermakelijk, maar daar bouw je geen relatie mee op. Focus eens op de bestaande klant. Wat kan je content doen om je relatie te verstevigen?

 

  1. Stalk de lezer niet

Aandacht is leuk. Een overdaad aan aandacht grenst aan stalken. Elke dag een nieuw bericht in de mailbox? Elke Tweet of Retweet uitlichten? Elke reactie op een post op Facebook een duimpje geven? De relatie met je lezer is precair. Houd gepaste afstand. Vraag om feedback, maar niet op elk uur van de dag. En doe het met mate.

 

  1. Maak grapjes

We hebben het hier niet over dijenkletsers natuurlijk. Humor is betrekkelijk. Maar je content hoeft niet elke dag zwaarmoedig het leven van je lezer binnen te sloffen. Houd het licht. Houd het online gesprek met je lezer licht. Een goede relatie is er een waar je samen kunt lachen. Hang echter niet elke dag de clown uit. Met je lachen is iets anders dan uitlachen.

 

  1. Wees op tijd

Laat jij je geliefde wachten voor het restaurant in de stromende regen? Ik dacht het niet. Zorg ook dat je bij je lezer op tijd bent. Een keertje te laat is geen probleem, maar consequent te laat leveren, draagt niet bij aan het vertrouwen. Reageer op tijd. Stuur bevestigingen van de website op tijd. Laat je lezer niet in de kou staan.

 

  1. Kom afspraken na

Content is een belofte. Een kop van een artikel is een belofte. Als je dit leest, leer je alles over… Elke zin die je schrijft is een belofte. Elke klik op een URL is een belofte. Hierna krijg je alles te weten over…. Je lezer kan dankzij jou het antwoord op zijn of haar vraag vinden. Jij zorgt ervoor dat hij of zij probleemloos door de pagina gaat. Maak al die beloften ook waar.

 

  1. Geef eens een cadeautje

Iedereen krijgt op zijn tijd graag een cadeautje. Gewoon, zomaar. Om je waardering te laten zien. Omdat je blij bent dat de lezer er is. Dit hoeft niet altijd een fysiek cadeau te zijn. Geef eens wat tijd weg voor een persoonlijk consult. Geef je kennis weg in de vorm van een handige whitepaper of een gratis e-book. Of bedank je lezer voor zijn of haar loyaliteit met een leuke korting. Verras je lezer eens.

 

  1. Geef de lezer een veilig gevoel

De basis van elke relatie is vertrouwen. Daarom zal je website (en dus je content) maximaal moeten bijdragen aan dat vertrouwen. Bij webshops schep je vertrouwen door de juiste afbeeldingen van onafhankelijke instanties te tonen. Bij meer algemene websites kun je denken aan awards of de mening van andere klanten. Maar het meeste vertrouwen schep je met een heldere en menselijke toon in je content. Door helder te communiceren over je belofte.

 

  1. Doe niet moeilijk over de rekening

Neem je je geliefde voor de eerste keer uit eten? Doe dan niet moeilijk over de rekening. Tenzij je partner er op staat om deze te delen, het is wel 2016. Ook op je website kun je galant zijn. Door niet moeilijk te doen over de rekening als er iets mis gaat met een bestelling. Door niet in discussie te gaan op sociale media als er iets mis is met een product. Door van je 404-pagina een feest te maken om te bezoeken. Zie fouten als een kans om het vertrouwen te versterken.

Schrijven voor het kleinste scherm. Het blijft lastig. We zijn gewend gezellig te ratelen op onze handige toetsenborden. Gebruiken Microsoft Word als basis voor een online tekst die ontspannen op desktop wordt gelezen. Wil je een mobiele schrijfstijl ontwikkelen? Gebruik Google Docs.

 

Daarover zo meer. Eerst wat context. Ik was op 26 mei aanwezig bij The Next Web conference. Daar sprak de Amerikaanse ondernemer Gary Vaynerchuk. Hij deed een heldere uitspraak die ik graag wil delen.

“Over the last three months… I no longer have a laptop or an iPad… I now only live through my mobile device. For everybody in the room that is building businesses on the internet the thought of what is happening in your landing page optimization or the UI and UX of your product in a desktop environment I think is in the beginning stages of being disrupted.”

De korte versie van dat citaat? Als je content puur vanuit een desktop-gedachte bekijkt, dan loop je het gevaar op termijn overbodig te worden.

 

Onbelangrijk geworden

Content zoals wij het kennen van de desktop en de dienstverlening die we daaraan koppelen loopt de komende jaren gevaar minder belangrijk te worden. Niet leuk als je je brood verdient met mensen teksten voor hun webpagina’s aanbieden.

 

Dood van de desktop

We bewegen met z’n allen namelijk langzaam maar zeker weg van de desktop. Al jaren lijkt de dood van de PC onvermijdelijk. We moeten toegeven dat we de hele dag met onze neus in onze mobiele telefoon zitten.

 

Schrijven op mobiel?

Maar hoe schrijf je voor het kleinste scherm? Direct schrijven op de mobiel is een optie, maar niet schaalbaar. Niemand wil de hele dag op een klein toetsenbord met zijn duimen lange teksten invullen. Laat staan een hele website.

 

Word dan?

Een andere optie is in Microsoft Word je kantlijn kleiner te maken en je font groter. Dit zou ongeveer het gevoel moeten geven van schrijven voor een klein scherm. Maar ook dit geeft nog niet het juiste gevoel. Je doet alsof, op een groot scherm.

 

Google Docs als oplossing

Gelukkig is daar Google Documenten. Deze geeft direct inzicht in hoe jouw tekst zich op mobiel gedraagt. Wellicht dat er variaties zijn afhankelijk van je smartphone, maar voor het ontwikkelen van een mobile first schrijfstijl is het een goed begin.

 

Wat heb je nodig?

  • Een account bij Google om toegang te krijgen tot Google Drive en Google Documenten
  • De Google Documenten app op je smartphone
  • Een opgeladen smartphone

In enkele stappen mobile content schrijven:

Stap 1: Installeer de Google Documenten app op je smartphone.
Download de app en zet deze klaar op je telefoon. Deze moet je wel synchroniseren met het juiste Google account om toegang te krijgen tot je documenten op Google Drive.

Stap 2: Open een Google Document in Drive op je desktop
We maken gewoon gebruik van het gemak van schrijven met een toetsenbord op het brede scherm van de desktop.

Stap 3: Begin met schrijven
In eerste instantie zet je, je tekst op in je document. Werk je liever met Word? Zet daar dan je tekst op en upload deze naar Drive. Hoe je ook begint met oefenen met mobile content, je moet eerst content hebben. Aangezien de desktop voor schrijfwerk een fijne omgeving is, beginnen we hier.

Stap 4: Open je Google Document op je smartphone
Heb je een redelijk stuk staan van je artikel of blogpost? Open dan nu je Google Documenten op je smartphone. Hier staat nu ook het artikel waaraan je schrijft, maar dan in de ‘beperking’ van het kleine scherm.

Stap 5: Edit op mobiel of op de desktop
Je hebt nu een real-time weergave van je document op je mobiel. Zie wat je lange zinnen doen op een mobiel scherm. Elk aantal regels op je desktop is twee keer zo lang op je mobiel.
In beide documenten kun je nu aanpassingen maken.

  • Voeg een witregel toe op mobiel en deze wordt ook zichtbaar op desktop.
  • Voeg een witregel toe op je desktop en deze wordt ook zichtbaar op mobiel.

Wat valt op?

Een kleine steekproef uit een ander artikel levert inzicht in de verhoudingen van een alinea.
27 woorden met 147 characters = 2 regels op desktop, 4 regels op mobiel.
30 woorden met 177 characters = 3 regels op desktop, bijna 5 regels op mobiel.
39 woorden met 211 characters = 2,5 regels op desktop, 5 regels op mobiel.
50 woorden met 272 characters = 3,5 op desktop, 7 regels op mobiel.

 

Elk woord telt dubbel

Wil ik dus een mooie alinea van 5 regels op mobiel schrijven, dan moet ik 2,5 regels op desktop aanhouden. Niet heel veel ruimte. Het verschil is direct duidelijk in de onderstaande beelden.

Alinea 1 voorbeeld desktop

 

 

Alinea 1 voorbeeld mobiele content

Een kleine alinea van 2,5 regels op desktop is op mobiel goed voor 6 regels. De uitdaging van schrijven voor mobiel is direct duidelijk.

 

Waarom is dit belangrijk?

Met de afname van de desktop en de toename van mobile only lezers moeten wij als schrijvers onze content aanpassen. En daarmee onze werkwijze en mindset. Je zult constant moeten controleren: hoe leest dit op mobiel? Dat kan, met Google Documents.

Als communicatiespecialist heb je vaak één duidelijke vraag in je hoofd: ‘Hoe communiceer ik dit met de doelgroep?’ Vaak kies je voor een nieuwsbrief of website, waarin je veel tijd steekt. Je doelgroep, op haar beurt, leest per week minstens 20 nieuwsbrieven en bezoekt minimaal vier keer zoveel websites. Logisch dat je op zoek bent naar een alternatief dat nét even anders is. Gelukkig hoef je daarvoor het wiel niet opnieuw uit te vinden. Denk eens aan een online magazine. Niet nieuw, maar zeker verrassend en een slim onderdeel van je communicatie. Ik leg je uit waarom.

 

Anders communiceren
Een van onze opdrachtgevers is van een offline (papieren) krant overgestapt op een digitaal magazine. Waarom? Omdat online sneller is aan te passen aan de actualiteit en in een seconde van Friesland naar Limburg verstuurd kan worden. Daarnaast was het voor deze opdrachtgever goedkoper om een digitaal communicatiemiddel te maken dan de krant drukken.

Hybride
Onze tip is om niet plotsklaps over te gaan van offline naar online. Kies een ‘hybridevorm’. Zorg voor een kaartje bij je offlineproduct waarin je de onlineversie aankondigt. Zo behoud je (een groot deel van) je doelgroep en laat je deze wennen aan het idee. Daarnaast verwijs je uiteraard op je website naar het magazine of in je nieuwsbrief. Ook mooi: zet de link standaard in de handtekening van iedere e-mail die verstuurd wordt.

 

Bereiken van je doelgroep
Met een digitaal magazine bereik je een grote doelgroep. Zeker als je ervoor zorgt dat pagina’s eenvoudig kunnen worden gedeeld. Daarbij neemt het aantal uur dat men aan online besteedt nog steeds toe. Dat geldt niet alleen voor jongeren, maar ook voor de oudere doelgroep. En ze hebben een ding gemeen; beide willen op een aantrekkelijke manier geïnformeerd worden. Met het digitale magazine voor NHL Hogeschool over onderwijs in de nieuwe stijl laten we zien dat dit in een magazine kan.

 

Inzicht in de interesse van je doelgroep
Heb je meer te vertellen dan je in een gemiddelde nieuwsbrief kwijt kunt? Wil je meer sfeerbeelden, filmpjes en reportages delen? Een digitaal magazine leent zich er perfect voor om in compacte vorm verschillende onderwerpen (nader) uit te lichten. Kijk bijvoorbeeld eens naar ons digitaal magazine voor Wmo werkplaats. En uiteraard kun je via Google analytics precies zien wat je doelgroep interessant vindt door te kijken welk artikel het meest is gelezen, waarop is doorgeklikt en waar ze (eventueel) zijn afgehaakt.

 

Corporate informatie in een mooi jasje
Bedrijfsinformatie aantrekkelijk presenteren? Terugkerende informatie als een jaarverslag in de vorm van een online magazine zorgt ervoor dat het prettig lezen is. De lezer kan kiezen wat hij of zij wil lezen door het gebruik van een inhoudsopgave en het jaarverslag zelf voldoet aan de wettelijke eisen. Kijk maar eens naar het jaarverslag van It Fryske Gea.

 

Meer mogelijk 
Ik zie ze weleens, online Pdf’s. Niks mis mee, maar er is meer mogelijk. Als je je doelgroep écht wil bereiken en een professionele indruk achter wil laten, kies je voor een digitaal magazine. Daarin kun je ook een filmpje plaatsen, een (foto)reportage, of zelfs muziek of natuurgeluiden onder het magazine. Denk eens aan een animatie of bewegende tekstblokken, infographics en een interactief menu. Die maken het lezen interactiever en verrassender.

 

Samengevat 
Als het goed is, begrijp je waarom ik fan ben van de digi-magazines. Wellicht kende je het fenomeen nog niet, of heb je je er nooit in verdiept. Daarom vat ik alle voordelen even samen voor je:

  • Je doelgroep leest al zoveel uitingen, zorg ervoor dat je eruit springt
  • Online magazines zijn makkelijk deelbaar
  • Soms is het zelfs goedkoper dan drukwerk
  • Je bereikt een grote doelgroep
  • Je hebt (meer) inzage in de informatiebehoefte van je doelgroep
  • Meer ruimte om je boodschap aan te vullen met beeld, geluid en achtergrondinformatie
  • Feitelijke (verplichte) informatie aantrekkelijk verpakt