Soepeltjes spelen met sappige stijlfiguren


    Leestijd:

Voor moedige mensen die tikken aan taaie teksten is een slimme stijlfiguur vooral de krachtige kans om eens lekker soepeltjes met onze tere, tedere taal te spelen. Stijlfiguren zijn de peper, zout en olijfolie die elke saaie tekst net dat beetje extra smeuïge smaak geven. Door woorden anders te gebruiken, schudden ze de langzaam luierende lezer even energiek door elkaar. Zetten we ze even op het verkeerde bibberende been. Of zorgen we voor een vrolijke, gul graag gegeven glimlach. Altijd een goed streven natuurlijk.

 

In deze reeks kijken we naar verschillende stijlfiguren om mee te spelen. Vandaag beginnen we – je voelt het al aankomen – met de altijd aardige alliteratie. Niet alleen voorbehouden aan donker denkende dichters die dagen doorzagen over duistere dwangneuroses, maar ook in de wereld van de commercie een veelgebruikte vorm om verslofte verkopen verder te verhogen.

Wat is een alliteratie?

Van een alliteratie, ook stafrijm (‘staf’ betekent ‘letter’) of letterrijm genoemd, spreekt men bij gelijkheid van de beginmedeklinkers van twee of meer beklemtoonde lettergrepen of woorden binnen een uitdrukking, prozazin of vers. Soms spreekt men van alliteratie in geval van gelijkheid van beklemtoonde beginklinkers.

 

Terug in de tijd met de tijdmachine

Dank je wel Wikipedia. Maar dat is natuurlijk geen uitleg om bubbelend, bruisend blij van te worden. Rijm waarbij de klankovereenkomst aan het begin van de woorden zit, is wat dat betreft direct duidelijker. Om echt blij te worden van die alleraardigste alliteraties hoeven we alleen maar in de tijdmachine te stappen en terug te vliegen naar onze jeugd. Naar een grote stapel Suske en Wiske.

Het Spaanse spook. De gekalibreerde kwibus. De kleppende klipper. De snorrende snor. De rammelende rally. De zingende zwammen. De wilde weldoener. De sissende sampan. De nerveuze Nerviërs. De koddige kater. De schone slaper. Twee toffe totems. De kale kapper. Het brommende brons. De bokkige bombardon.De maffe maniak. De flierende fluiter.

 

Van Liesje tot Pietje

Stuk voor stuk heerlijke alliteraties. Blijven we nog even in de jeugdige jaren dan zien we alliteratie overal. In rijmpjes en namen, met als voorlopig hoogstaand hoogtepunt: Liesje leerde Lotje lopen langs de lange Lindelaan, maar toen Lotje niet wilde lopen, toen liet Liesje Lotje staan. Maar ook Donald Duck, Guus Geluk, Willie Wortel en Mickey Mouse zijn bekende alliteraties. En laten we vooral onze eigen Pietje Puk niet vergeten.

 

Voordelig verbeteren

Ook in de volwassen wereld van slogans en merknamen is de alliteratie nog sterk aanwezig. Zo drinken we een Heerlijk Helder Heineken. Gaan we voor een broodje naar de Bakker Bart. Of voor een nieuwe televisie naar de Media Markt. Al dan niet door weer en wind, met man en muis en lief en leed. En ‘s avonds kijken we Zon, Zuipen, Ziekenhuis. De allemansvriend alliteratie. Beperkt bruikbaar, maar bijzonder bedreven in het voordelig verbeteren van taaie teksten.



Delen:


Dimitri Lambermont